De jaarwisseling in Nederland is een mengeling van vreugde, traditie en vuurwerk. Maar elk jaar opnieuw wordt die feestelijkheid verduisterd door incidenten die diepe sporen nalaten in buurten en bij bewoners. Dit keer was het in Noord-Holland opnieuw raak: meerdere autobranden, een gespannen sfeer en vragen over hoe we als samenleving verder willen met deze traditie.
Een jaarwisseling met littekens
In het werkgebied van de politie Noord-Holland zijn naar huidige stand van zaken 15 auto’s in vlammen opgegaan. In de meeste gevallen lijkt het afsteken van vuurwerk een directe of indirecte oorzaak. In Enkhuizen aan het Seringenhof brandden drie auto’s uit; in Haarlem gebeurde hetzelfde aan de Werfstraat en de Louis Pasteurstraat. In Alkmaar aan de Goeman Borgesiusstraat ging één auto verloren, net als in Zwaag aan het Hondsdraf en in Volendam aan het Marinapark. In Opperdoes werd zelfs een vouwwagen van een oprit aan de Oude Stiek de rijbaan opgeduwd en in brand gestoken. In de meeste gevallen is inmiddels aangifte gedaan.
De menselijke maat achter de rook
Een uitgebrande auto is niet alleen blikschade; het betekent vaak een ontregeld huishouden, misgelopen werk, gedoe met verzekeraars en een gevoel van onveiligheid in de straat. Voor hulpdiensten is dit bovendien een zware nacht, met aaneengeregen meldingen, gevaarlijke situaties en soms een vijandige omgeving. In meerdere gemeenten is al jaren zorg over agressie richting hulpverleners tijdens de jaarwisseling; dat vergroot de afstand tussen burger en overheid en tast het gevoel van samen doen af.
Waarom escaleert het?
De cocktail is bekend: vuurwerk, groepsdruk, alcohol, nachtelijke anonimiteit en de verleiding van aandacht op sociale media. Een enkeling die het grensoverschrijdende gedrag normaliseert, trekt anderen mee. En waar het misgaat, is de schade disproportioneel: één brand legt een hele buurt lam en vreet aan vertrouwen.
Preventie die werkt
Lokale maatregelen laten zien dat het wél anders kan. Denk aan duidelijke vuurwerkvrije zones op plekken met veel geparkeerde auto’s, tijdelijke fysieke barrières en extra buurttoezicht. Snelle opruimacties, herkenbare aanwezigheid van hulpverleners en gerichte communicatie vooraf maken verschil. Ook helpt het als gemeenten, politie en brandweer data-gestuurd hotspots in kaart brengen en zichtbaar handhaven.
Verantwoordelijkheid verdelen
Ouders en scholen kunnen het gesprek vroeg voeren over groepsdruk en schade. Buurten die elkaar kennen, grijpen sneller samen in. Verzekeraars en gemeenten kunnen preventie belonen. En wie iets ziet, meldt dat — niet pas achteraf, maar op het moment dat er nog te voorkomen valt.
Als we de magie van middernacht willen houden, moeten we de schaduw ervan serieus nemen. Eén nacht mag geen maandenlange nasleep veroorzaken. Juist door tradities te moderniseren, solidariteit te organiseren en grenzen helder te stellen, blijft oud en nieuw iets waar we met trots op terugkijken — op straat, in de buurt en in ons hoofd.


















